Opbouwen bewaren
Terwijl u werkt aan een opbouw, wordt er op de titelbalk een ruitsymbool weergegeven naast de documenttitel. Een dichte ruit ◆ betekent dat de inhoud van het document is gewijzigd sinds u het document de laatste keer hebt bewaard en dat u wordt gevraagd of u de nieuwe wijzigingen wilt bewaren wanneer u de opbouw wilt sluiten. Een open ruit ◇ wil zeggen dat alleen de weergave van het document is gewijzigd, bijvoorbeeld de huidige bladerlocatie of de vergroting van de rijen. U kunt deze weergavegegevens bewaren, maar u wordt hier niet om gevraagd wanneer u het document gaat sluiten.
Wanneer u een opbouw bewaart met het commando
Bewaar als...
uit het menu
Archief
of wanneer u een nieuwe opbouw de eerste keer bewaart, verschijnt er een venster waarin u een bestandsstructuur voor de opbouw kunt kiezen.
OmniOutliner 3
is de standaardbestandsstructuur. Als u deze structuur gebruikt, wordt een opbouw bewaard met alle opmaak en gaan er geen opmaakgegevens verloren.
OmniOutliner 3-sjabloon
is identiek met de gewone OmniOutliner 3-bestandsstructuur, met als verschil dat het bestand vervolgens kan worden gebruikt als basis voor nieuwe documenten. Wanneer u een sjabloonbestand opent, bewerkt u een kopie van het bestand en blijft het origineel ongewijzigd.
OPML
is een gestandaardiseerde bestandsstructuur voor opbouwen waarbij alleen de structuur van de opbouw wordt bewaard, maar niet de opmaak.